Het verschil tussen indeplaatsstelling en medepacht

22/08/22 Bekijk reacties Verwachte leestijd: 3 minuten

Op grond van het pachtrecht is de pachter verplicht om de gepachte grond persoonlijk te gebruiken. Doet hij dat niet? Dan kan de verpachter de pachtrelatie beëindigen. Als de pachter de werkzaamheden in het bedrijf wil gaan afbouwen en de dagelijkse leiding aan een opvolger wil overdragen, moet de pachtovereenkomst aangepast worden. Afhankelijk van de situatie kan de pachter kiezen voor indeplaatsstelling of medepacht.

Indeplaatsstelling

Bij indeplaatsstelling neemt de opvolger de pachtovereenkomst over. Indeplaatsstelling is geschikt als de pachter zich (vrijwel) helemaal terugtrekt en – in ieder geval – de dagelijks leiding van het bedrijf overdraagt aan de opvolger.

Medepacht

Bij medepacht wordt de opvolger naast de oorspronkelijke pachter op de pachtovereenkomst geplaatst. Daarmee komen de verplichtingen uit de overeenkomst op beiden te rusten. Medepacht is geschikt als de werkzaamheden in het bedrijf geleidelijk worden afgebouwd door de oorspronkelijke pachter.

Voorwaarden

Als de verpachter aan de indeplaatsstelling of medepacht wil meewerken, moeten de wijzigingen worden opgenomen in een pachtwijzigingsovereenkomst en deze moet ter goedkeuring worden voorgelegd aan de Grondkamer. Er is dan relatief veel vrijheid om de overeenkomst vorm te geven. U kunt bijvoorbeeld overeenkomen om een broer, zus of andere derde als (mede)pachter in de overeenkomst op te nemen.

Wil de verpachter niet meewerken? Dan kan de rechter worden gevraagd om een gedwongen indeplaatsstelling of medepacht. Daarbij moet worden voldaan aan de volgende voorwaarden:

  • Betreft het een vordering tot indeplaatsstelling? Dan moet de oorspronkelijke pachter de vordering zelf indienen.
  • Het verzoek mag slechts worden ingediend voor een beperkte groep naasten: de echtgenoot of geregistreerd partner of een of meer van de kinderen, kleinkinderen of pleegkinderen. Bij indeplaatsstelling mag ook worden verzocht een of meer van de medepachters in de plaats te stellen.
  • De opvolger moet voldoende waarborgen bieden voor een behoorlijke bedrijfsvoering. Dat betekent dat de opvolger in staat moet zijn om zelfstandig het bedrijf voort te zetten. In de rechtspraak zijn daarvoor verschillende criteria ontwikkeld.

De rechter beslist op het verzoek ‘naar billijkheid’, waarbij alle omstandigheden van het geval worden meegewogen. Bovendien kan de rechter voorwaarden verbinden aan de indeplaatsstelling of medepacht.

Nog vragen? Neem dan contact op met onze experts van pachtrecht.