Blogs

De regels voor het uitrijden van mest

23/03/21 Bekijk reacties Verwachte leestijd: 6 minuten

Als u uw landbouwgrond gaat bemesten, heeft u te maken met strenge regels. Bij overtreding van deze regels riskeert u een boete. In dit blog leest u de belangrijkste regels en hoe u een boete kunt voorkomen of hiertegen verweer kunt voeren.

Wanneer mag u bemesten?

Dit hangt vooral af van het soort mest dat u wilt uitrijden en van de ondergrond. Bij dierlijke mest wordt bijvoorbeeld onderscheid gemaakt tussen vaste mest en drijfmest en als ondergrond tussen grasland en bouwland. Dierlijke mest mag u over het algemeen uitrijden in de periode februari tot en met augustus/september. Compost mag u bijna altijd gebruiken.

In bepaalde situaties mag u geen mest uitrijden. Bijvoorbeeld als de bodem is bevroren, onder water staat of een bepaald hellingspercentage heeft. Meer informatie over de periode en de voorwaarden waarin het bemesten wel of niet is toestaan kunt u terugvinden op de website van de RVO.

Hoeveel mest uitrijden over land?

De gebruiksnormen in artikel 8 Meststoffenwet (Msw) bepalen hoeveel stikstof en fosfaat uit dierlijke of niet-dierlijke mest u maximaal per hectare per jaar mag gebruiken. Er gelden drie gebruiksnormen:

  1. Stikstofgebruiksnorm voor dierlijke mest
    Volgens deze norm mag u maximaal 170 kg stikstof uit dierlijke mest op uw land gebruiken. Heeft u een derogatievergunning? Dan mag u maximaal 230 of 250 kg stikstof gebruiken.
  2. Stikstoftotaalnorm
    Deze norm bepaalt de maximale hoeveelheid stikstof dat u per hectare per jaar uit dierlijke en niet-dierlijke mest op uw land mag gebruiken. De norm verschilt per soort gewas dat u teelt en per grondsoort. Meer informatie kunt u vinden op de website van de RVO.
  3. Fosfaatgebruiksruimte
    Volgens deze norm mag u vanaf 2020 maximaal 75 kg fosfaat per hectare grasland en 40 kg fosfaat per hectare bouwland gebruiken. De norm geldt voor dierlijke en niet-dierlijke mest.

De gebruiksruimte van uw landbouwgrond berekent u door aan het begin van het jaar het aantal hectare landbouwgrond dat u op 15 mei zult opgeven in de Gecombineerde opgave te vermenigvuldigen met de betreffende gebruiksnorm. Gedurende het jaar bepaalt u vervolgens op basis van uw werkelijke gebruik van meststoffen of u binnen de gebruiksnormen blijft. Dit dient u zelf bij te houden in uw administratie.

Boete voor te veel mestgebruik

Of u de gebruiksnormen hebt overschreden, wordt achteraf aan de hand van forfaitaire gegevens bepaald door voor uw bedrijf de geproduceerde, aangevoerde en uit opslag gekomen meststoffen bij elkaar op te tellen en vervolgens te verminderen met de van het bedrijf afgevoerde meststoffen. Als de uitkomst hoger is dan de voor u geldende gebruiksnormen, dan kan de RVO op grond van artikel 51 Msw een bestuurlijke boete opleggen. Deze boete bedraagt € 7 per kg stikstof en € 11 per kg fosfaat, waarmee u de gebruiksnormen hebt overschreden.

Bewijslast bij landbouwer

Volgens artikel 7 Meststoffenwet (Msw) is het in beginsel verboden om mest in of op uw landbouwgrond te gebruiken. Dit verbod geldt niet als u aantoont dat u de gebruiksnormen niet hebt overschreden. De wet keert de bewijslast dus om.

Best beschikbare gegevens en gemiddelde gehaltes?

In een recente uitspraak van de Rechtbank Overijssel wordt dit bevestigd. Hier ging het vooral om de vraag of de fosfaat- en stikstofgehaltes in de opgeslagen hoeveelheid meststoffen bij de controle op het bedrijf juist waren berekend. De NVWA mag de gehaltes in de voorraad berekenen op basis van “de best beschikbare gegevens”. Deze worden verkregen door voorraad te bemonsteren en te analyseren. Indien deze gegevens niet beschikbaar zijn, mag de NVWA uitgaan van de gemiddelde stikstof- en fosfaatgehaltes die in voorgaande jaren zijn vastgesteld voor de afgevoerde meststoffen.

De NVWA is uitgegaan van deze gemiddelde gehaltes. De RVO heeft op basis daarvan een boete opgelegd. Volgens de landbouwer zijn de gemiddelde gehaltes van de afgevoerde mest in de voorgaande jaren niet representatief voor het bepalen van de huidige voorraad en het werkelijke gebruik. De rechter wijst dit verweer van de hand, omdat de landbouwer zelf geen alternatieve gegevens aandraagt, die voldoende aantonen dat hij de gebruiksnormen niet heeft overschreden. De boete van ruim € 12.000 blijft in stand.

Meststoffenadministratie bijhouden

Het is belangrijk dat u aan het begin van elk jaar een betrouwbare inschatting maakt van uw voorgenomen gebruik van mest en landbouwgrond. Zorg ervoor dat uw mestadministratie steeds goed op orde is en dat u gedurende het jaar relevante wijzigingen in mest- en grondgebruik registreert. Zo komt u niet voor verrassingen te staan.

Schakel op tijd juridisch advies in

Als u toch wordt geconfronteerd met een controle van de NVWA of met een boete van de RVO, aarzel dan niet en schakel op tijd een specialist meststoffenwetgeving in. De meststoffenwetgeving is complex en de boetes kunnen aanzienlijk zijn, ook als u zich niet heeft gerealiseerd dat u de regels hebt overtreden.

Bezwaar en beroep tegen boete

Tegen een boete kunt u binnen 6 weken bezwaar maken bij de RVO. Na een afwijzing van het bezwaar kunt u vervolgens in beroep bij de bestuursrechter. Wij kunnen u in zo’n geval bijstaan tijdens de controle van de NVWA en de bezwaar- en beroepsprocedure voor u voeren. U heeft dan snel duidelijkheid over uw rechten.

Omdat de boetes veelal zijn gebaseerd op forfaitaire gehaltes, schattingen en gemiddelden en uw werkelijk gebruik lager kan zijn, is het meestal aan te raden om een alternatief deskundigenrapport te laten opmaken. Wij hebben de expertise en het netwerk om dit als onderdeel van het verweer zorgvuldig voor u voor te bereiden. Dit vergroot de kans dat de boete wordt gematigd of helemaal onderuit gaat.

Heeft u vragen?

Zijn de regels voor het bemesten wellicht niet helemaal duidelijk? Of heeft u een boete gekregen? Neemt u contact op met een van onze advocaten agrarisch recht. Wij helpen u graag hierbij.