Ontslagen na weigering mondkapje te dragen, mag dat?

01/12/21 Bekijk reacties Verwachte leestijd: 4 minuten

Op dit moment zijn mondkapjes verplicht in alle publieke locaties waar geen coronatoegangsbewijs  wordt gecontroleerd. Maar hoe zit het met mondkapjes op de werkvloer? Zijn werknemers verplicht een mondkapje te dragen als de werkgever dit vraagt? Hierover heeft de kantonrechter in Haarlem onlangs een uitspraak gedaan.

Mondkapjesplicht

De werknemer werkte sinds 2015 als schoonmaker van vliegtuigen op Schiphol. Zijn werkgever, een schoonmaakbedrijf, wordt daarvoor door verschillende luchtvaartmaatschappijen ingehuurd. Vanwege corona hanteren zowel Schiphol als de klanten van het schoonmaakbedrijf een strikte mondkapjesplicht. Dat betekent dat werknemers van het schoonmaakbedrijf een mondkapje moeten dragen in (nagenoeg) alle ruimten op de luchthaven en aan boord van de vliegtuigen. Ondanks waarschuwingen van het schoonmaakbedrijf weigerde de werknemer echter stelselmatig een mondkapje te dragen. Na de vierde weigering stelde het schoonmaakbedrijf de werknemer op non-actief en werd de loonbetaling stopgezet.

Vervolgens verzocht het schoonmaakbedrijf de rechter de arbeidsovereenkomst te ontbinden wegens ernstig verwijtbaar handelen, althans een verstoorde arbeidsverhouding , dan wel een combinatie van die gronden.

Wat oordeelde de kantonrechter?

De kantonrechter stelde voorop dat een werkgever de bevoegdheid heeft om een werknemer redelijke voorschriften te geven en de werknemer verplicht is zich aan deze voorschriften te houden. Het schoonmaakbedrijf mocht de werknemer dus de verplichting opleggen om tijdens zijn werkzaamheden een mondkapje te dragen, aangezien dit in lijn was met de op dat moment geldende richtlijnen van Schiphol en het RIVM. Daarbij woog volgens de kantonrechter mee dat in een werkomgeving als op Schiphol meer dan gemiddeld strikte regels en protocollen gelden, waaraan iedereen die daar werkt zich moet houden. Nu de werknemer deze redelijke voorschriften niet had nageleefd, was volgens de kantonrechter een redelijke grond voor ontbinding (verwijtbaar handelen van de werknemer) aanwezig.

Maar dit was nog niet alles. De kantonrechter stelde vervolgens vast dat de werknemer ook zijn recht op transitievergoeding had verspeeld, wegens ernstig verwijtbaar handelen. Het enkele weigeren van het dragen van een mondkapje is daarvoor niet voldoende, zo stelde de kantonrechter. Maar deze werknemer had meerdere malen geweigerd aan redelijke verzoeken van het schoonmaakbedrijf te voldoen, terwijl hij kennelijk wel het belang van de verzoeken inzag. Hij bedekte namelijk minimaal één keer zijn mond en neus met een sjaal. Daarnaast probeerde de werknemer het werk van zijn collega’s te belemmeren, waardoor het schoonmaakbedrijf problemen kreeg, althans risico’s liep bij het uitvoeren van haar werkzaamheden. Tot slot wilde de werknemer niet met het schoonmaakbedrijf in gesprek over een andere functie. En aangezien de werknemer niet naar de zitting kwam, kon de rechter niet beoordelen of er persoonlijke omstandigheden waren die van invloed waren op zijn handelen. Op grond van al deze omstandigheden concludeerde de rechter dat er sprake was van ernstig verwijtbaar handelen en de werknemer geen recht had op een transitievergoeding.

Conclusie

Werknemers zijn verplicht redelijke voorschriften van hun werkgever op te volgen. In bepaalde omstandigheden kan het verplicht dragen van een mondkapje op de werkvloer zo’n redelijk voorschrift vormen. Weigert een werknemer dit stelselmatig? Dan kan de arbeidsovereenkomst  worden ontbonden. De omstandigheden van het geval kunnen er dan ook toe leiden dat de werknemer het recht op transitievergoeding kwijtraakt.

Vragen

Heeft u hier vragen over of advies nodig? Neem dan gerust contact op met een van onze arbeidsrechtspecialisten.