Blogs

Aanbestedingsrecht: werk aan de winkel voor de wetgever

21/08/14 Bekijk reacties Verwachte leestijd: 3 minuten

Op 28 maart 2014 zijn de teksten gepubliceerd van drie nieuwe Europese aanbestedingsrichtlijnen. Daarvan is de zogenaamde ‘klassieke richtlijn’ de belangrijkste. Lidstaten hebben tot en met 18 april 2016 de tijd om deze richtlijnen in wetgeving om te zetten. Voor Nederland betekent dit dat de Aanbestedingswet 2012 die op 1 april 2013 in werking is getreden, nu al moet worden gewijzigd. Een aantal in het oog springende wijzigingen van de klassieke richtlijn zijn de volgende.

Het verschil tussen A- en B-diensten verdwijnt, maar voor een aantal diensten (waaronder juridische) blijft een verlicht regime gelden. Wél geldt boven de drempelwaarde van EUR 750.000, – een aankondigingsplicht.

De richtlijn legt verder de uitzonderingen vast die gelden tussen overheidsinstanties onderling en voor door de overheid gecontroleerde rechtspersonen (‘quasi inhouse’).

Verder bepaalt de richtlijn dat bij aanbesteding alleen gebruik mag worden gemaakt van elektronische communicatiemiddelen, dat betekent: géén papieren dossiers meer afgeven bij een balie! Daar zijn uitzonderingen op, onder meer als de aanbestedende dienst niet over die middelen beschikt. Dat lijkt tegenwoordig moeilijk voor te stellen.

In de nieuwe richtlijn worden aanbestedende diensten ook aangemoedigd om opdrachten in percelen te verdelen om het MKB zoveel mogelijk kans te geven op opdrachten. In dit opzicht loopt de Aanbestedingswet 2012 wél vooruit op de nieuwe richtlijn.

Onder de nieuwe richtlijn moet op basis van EMVI worden gegund, waarbij de definitie wijzigt. Het komt neer op de beste prijs-kwaliteitverhouding, maar er worden enkele nieuwe subcriteria toegevoegd.

De rechtspraak op het gebied van wijziging van opdrachten is ook opgenomen in de richtlijn. Kort gezegd mag er worden gewijzigd, mits de waarde van de wijziging beneden de drempelbedragen blijft en niet meer dan een bepaald percentage van de opdracht te boven gaat. In andere gevallen is in ieder geval nodig dat er wijzigingsbepalingen in de aanbestedingsstukken staan opgenomen.

Er komt, tot slot, een Uniform Europees Aanbestedingsdocument. De eigen verklaring die wij nu kennen, zal daarom moeten worden aangepast.

Het is afwachten wanneer de wetgever met een nieuw wetsvoorstel komt én welke keuzes daarbij worden gemaakt. Eén ding is duidelijk: de Aanbestedingswet 2012 moet vóór 2016 alweer aardig op de schop.

Heeft u vragen naar aanleiding van dit artikel, neem dan contact op met één van onze specialisten.

Plaats zelf een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Terug naar alle blogs