Blogs

Mag een aanvraag om omgevingsvergunning in een zienswijze worden opgenomen?

22/08/19 Bekijk reacties Verwachte leestijd: 4 minuten

 

De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State (hierna: “de Afdeling”) beoordeelt of de uitspraak van de rechtbank Midden-Nederland – waarin de rechtbank oordeelt dat van rechtswege een omgevingsvergunning is ontstaan als gevolg van een terechte aanvraag – in stand gehouden kan worden.

Verbouwing woonzorgcomplex

De Stichting Mitros (hierna: “de Stichting”) wil een voormalig woonzorgcomplex met ongeveer 100 kamers verbouwen voor studentenhuisvesting. De benodigde vergunning hiervoor is bij besluit van 20 januari 2015 aan de Stichting verleend. Vervolgens is er een huurovereenkomst gesloten met de Stichting die delen van het complex onderverhuurt aan diverse partijen waaronder arbeidsmigranten.

Omgevingsvergunning van rechtswege?

De rechtbank is van oordeel dat er een omgevingsvergunning van rechtswege is ontstaan doordat er niet tijdig een besluit is genomen op de aanvraag die in de zienswijze stond opgenomen. Het college is echter van oordeel dat de rechtbank ten onrechte heeft overwogen dat sprake is van een aanvraag als bedoeld in artikel 1:3 derde lid van de Algemene wet bestuursrecht.

De zienswijze van de Stichting betrof destijds een reactie op het voornemen van het college om handhavend op te treden tegen het gebruik van het pand voor de huisvesting van arbeidsmigranten. In de tekst stond opgenomen: “aangezien het gebruik volgens u echter niet is toegestaan, verzoekt cliënte u hierbij ter zake dan maar een vergunning voor het gebruik van het pand voor huisvesting van arbeidsmigranten te verlenen”

Als deze zienswijze terecht een aanvraag om een omgevingsvergunning bevat is van rechtswege een omgevingsvergunning ontstaan. De reden hiervoor is dat het college niet binnen de wettelijke voorgeschreven termijn van acht weken beslissing heeft genomen op de aanvraag.

Gebruikelijke wijze van indiening omgevingsvergunning

De Afdeling overweegt dat gelet op de uitspraak van 20 maart 2019[1] het gebruikelijk is om een aanvraag om een omgevingsvergunning elektronisch in te dienen langs de elektronische weg is. Een aanvraag kan ook op een andere wijze worden gedaan, maar alleen als voor het bestuursorgaan meteen duidelijk is of kan zijn dat een aanvraag is gedaan. Het dient daarbij altijd te gaan om een zelfstandig stuk.

In dit geval is de omgevingsvergunning niet via de elektronisch weg ingediend. De Afdeling overweegt dat van een zelfstandig stuk waar het meteen duidelijk is of kan zijn dat een aanvraag is gedaan, in dit geval ook geen sprake is. De reden hiervoor is dat de brief van 14 december 2018 een zienswijze bevat tegen het voornemen om een last onder dwangsom op te leggen. Er is daarom geen aanvraag gedaan, aldus de Afdeling.

Conclusie

Het voorgaande betekent dat de rechtbank ten onrechte heeft geoordeeld dat het verzoek dient te worden aangemerkt als een aanvraag. Dit betekent dat ook geen omgevingsvergunning van rechtswege is ontstaan. Er volgt dan ook een inhoudelijke behandeling over de vraag of arbeidsmigranten gehuisvest mogen wonen als de bestemming ‘wonen’ en ‘kamergewijze bewoning’ is. Het antwoord op deze vraag behandel ik in een ander blog.

Mocht u vragen hebben over een vergunning van rechtswege of andere omgevingsrechtelijke vragen, dan kunt u die altijd stellen aan één van onze specialisten overheidsrecht.

[1] AbRvS 20 maart 2019 ECLI:NL:RvS:2019:829

Plaats zelf een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Terug naar alle blogs