Blogs

Beleidsvoornemens Minister voor de Wet Bibob bekendgemaakt

12/11/15 Bekijk reacties Verwachte leestijd: 6 minuten

Op 2 november 2015 heeft de Minister van Veiligheid en Justitie de Tweede Kamer bij brief geïnformeerd over de beleidsvoornemens ten aanzien van de Wet Bibob. Onderstaand zal op deze brief worden ingegaan en wordt besproken op welke punten de Minister Wet Bibob wil aanpassen.

Wet Bibob

Waarom is de Wet Bibob ingevoerd? Het doel van de Wet Bibob is – kort gezegd- het voorkomen dat de overheid het plegen van strafbare feiten faciliteert.

Brief 2 november 2015

De Minister heeft onderzoek laten doen naar diverse aspecten van de Wet Bibob. In de brief van 2 november 2015 geeft de Minister een toelichting op de als bijlage bij deze brief gevoegde uitkomsten van de ‘Bibob-monitor’, het ‘stromanonderzoek’ en de verkenning ‘versterken prestaties Bibob-keten’.

Monitor Wet Bibob

De monitor Bibob bevat kwantitatieve gegevens over in welke mate en waartoe bestuursorganen de Wet Bibob toepassen. De Minister noemt in zijn brief een aantal bevindingen uit de monitor. Hieruit blijkt ondermeer dat 89% van de bestuursorganen Bibob-beleid heeft en dat dit beleid vrijwel altijd van toepassing is verklaard op vergunningen. Ook voeren de meeste bestuursorganen een eigen onderzoek uit. In de meeste gevallen blijft daarbij advisering door het Landelijk Bureau Bibob (LBB) achterwege. Bij ongeveer 200 van de 6000 Bibob-toetsen wordt een advies van het LBB betrokken. Per jaar brengt het LBB gemiddeld 220 adviezen en 50 aanvullende adviezen uit.

Stromanonderzoek

Het rapport ‘Stromanconstructies en de Wet Bibob’ onderzoekt de mogelijkheden om stromanconstructies bij de toepassing van de Wet Bibob te achterhalen en geeft hierover adviezen. Er bestaan knelpunten bij het LBB met betrekking tot het achterhalen van stromanconstructies. Bestuursorganen blijken volgens de Minister onvoldoende in staat om zelfstandig stromaconstructies te achterhalen en ook voor het LBB kan het volgens de Minister lastig zijn om beter uitgevoerde stromanconstructies te achterhalen.

Een probleem is volgens de Minister dat bestuursorganen over minder uitgebreide informatiebevoegdheden dan het LBB beschikken. Informatie uit opsporingsonderzoeken over stromanconstructies speelt hierdoor volgens de Minister nauwelijks een rol bij het eigen onderzoek. Signalen van politie, bijzondere opsporingsdiensten en OM over (mogelijke) stromanconstructies komen volgens de Minister kennelijk nauwelijks bij bestuursorganen terecht, waardoor zij deze informatie niet in hun afwegingen kunnen betrekken. Omdat de informatie niet bekend is wordt geen Bibob-advies aangevraagd en wordt de desbetreffende informatie dus ook niet in een Bibob-advies verwerkt.

Rapport verkenning Bibob

Het rapport ‘Verkenning Bibob’ onderzoekt de maatregelen die nodig zijn om de prestaties van de Bibob-keten te versterken en te verbreden binnen de huidige wettelijke en financiële kaders. Voor wat betreft de knelpunten die binnen de bestaande praktijk en juridische kaders kunnen worden opgelost zijn aanbevelingen gedaan. Deze aanbevelingen zullen naar de  verwachting van de Minister kunnen leiden tot een versterking van de prestaties in de samenwerking en een verbreding van de inzet van het Bibob-instrument binnen de huidige wettelijke en financiële kaders

Aanpassingen Wet Bibob

De Minister leidt uit het rapport ‘Verkenning Bibob’ voorts af dat het voor bestuursorganen van toegevoegde waarde is wanneer zij in de fase van het eigen onderzoek niet alleen kunnen beschikken over de gegevens van de betrokkene, maar ook een goed beeld kunnen krijgen van de feitelijke zeggenschapsverhoudingen rondom de aanvrager van een activiteit en de antecedenten die daarbij een rol spelen. De Minister kiest ervoor om de informatiepositie van bestuursorganen verder te verbeteren en het eigen onderzoek van bestuursorganen –overeenkomstig de suggestie in het rapport ‘Verkenning Bibob’ uit te breiden door ook naslag van het Justitieel Documentatiesysteem (JDS) en het Handelsregister ten aanzien van een aantal derden, die onderdeel uitmaken van het zakelijk samenwerkingsverband, mogelijk te maken. De Minister vindt het aannemelijk dat bestuursorganen op basis van zo’n uitgebreider eigen onderzoek een beter oordeel kunnen vormen over de integriteit van de betrokkene. De uitbreiding van het eigen onderzoek van bestuursorganen naar derden zal volgens de Minister zodanig worden ingericht dat ook onderzoek kan worden gedaan naar de aandeelhouder(s) van de betrokkene, de financier van de betrokkene en de leidinggevende/beheerders.

Privacy

De Minister heeft bij de voorgestelde uitbreiding van onderzoeksbevoegdheden – in navolging van het rapport ‘Verkenning Bibob’ – de verbetering van de informatiepositie van het bestuursorgaan afgewogen tegen de gegevensuitvraag over anderen dan de betrokkene en de daaruit voortvloeiende inbreuk op hun privacy.

Overig

De Minister overweegt voorts om het LBB bevoegdheden te geven om een verzoek om advies niet in behandeling te nemen. Voors overweegt de Minister om de bevoegdheden van het LBB tot het stellen van nadere vragen ook uit te breiden naar vragen over het zakelijk samenwerkingsverband. Daarnaast wil de Minister in de komende wetswijziging nog een aantal punten van meer technische aard meenemen.

Conclusie

De Minister zal gelet op het bovenstaande de Wet Bibob op onderdelen willen aanpassen. Door deze aanpassingen zal het bestuursorgaan zich (onder meer) een vollediger beeld kunnen vormen over de betrokkene en de antecedenten van betrokkene.

Slot

Heeft u vragen over de Wet Bibob, neem dan contact op met één van onze specialisten.

Plaats zelf een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Terug naar alle blogs