Fusie tussen twee voetbalclubs mislukt: moet de gemeente het voetbalcomplex aan één van hen verhuren?

Blog

Schenkeveld Advocaten - voetbalveld1

In het dorp Tweede Exloërmond (gemeente Borger-Odorn, Drenthe) ligt één voetbalcomplex, waarvan de gemeente eigenaar is. Er zijn sinds 2016 twee voetbalclubs in het dorp, te weten TEVV en Treffer ’16. De gemeente wil het complex alleen verhuren als de clubs fuseren. Mag de gemeente die voorwaarde stellen?

Voetbalverenigingen afgesplitst

TEVV maakte tot 2016 gebruik van het complex. Treffer ’16 is in dat jaar opgericht door ontevreden leden van TEVV. Het ledenaantal van TEVV is daardoor dusdanig teruggelopen dat deze club niet meer voldeed aan de minimale voorwaarden van de KNVB. Bij TEVV wordt sindsdien geen competitievoetbal meer gespeeld. De huur van het complex is in dat jaar ook door TEVV opgezegd.

Complex aan nieuwe club verhuurd

Treffer ’16 maakt sindsdien gebruik van het complex en zij wil het complex ook voor het aankomende seizoen ‘20/’21 van de gemeente huren. De gemeente is daar alleen toe bereid als de clubs fuseren of, als ze daar niet uitkomen, als zij in onderling overleg het gebruik van het complex afstemmen. De clubs treden met elkaar in overleg, maar zij komen daar niet uit.

Treffer ’16 start kort geding

Als de gemeente daarop aangeeft dat zij het complex niet aan Treffer ’16 wil blijven verhuren (en ook niet aan TEVV zal verhuren), start Treffer ’16 een kort geding. Daarin wordt gevorderd dat zij ook in het seizoen ‘20/’21 het complex mag huren van de gemeente. De voorzieningenrechter van de Rechtbank Noord-Nederland geeft Treffer ’16 gelijk.

Aan Treffer ’16 is geen verwijt te maken

De voorzieningenrechter overweegt daartoe samengevat dat:

(1)        Treffer ’16 geen verwijt kan worden gemaakt ten aanzien van het mislukken van de op zichzelf al ‘erg ambitieuze’ fusie- en overleggesprekken;
(2)        de gemeente de verwachting heeft gewekt dat Treffer ’16 langer kon blijven huren, onder andere doordat zij voor het plaatsen van units bij de velden een omgevingsvergunning van vijf jaar heeft verleend; en
(3)        de gemeente bij het maken van haar beslissingen de belangen van de betrokkenen, waaronder de leden van Treffer ’16, onvoldoende zorgvuldig heeft afgewogen.

Niet verhuren is onrechtmatig

De voorzieningenrechter acht het onder deze omstandigheden niet opnieuw verhuren van het complex aan Treffer ’16 onrechtmatig. Dat de gemeente van te voren duidelijk heeft aangegeven dat zij alleen onder bepaalde voorwaarden wilde verhuren, doet daar dus niet aan af.

Waar moet u op letten?

Uit deze uitspraak blijkt dat de gemeente niet volledig vrij is in haar besluitvorming om een (huur)overeenkomst niet te verlengen. Zij zal onder meer rekening moeten houden met de belangen van alle betrokkenen en haar besluitvorming daar mede op baseren. De gemeente zal daarbij ook moeten meenemen of zij vergunningen heeft verleend waaruit een langer gebruik zou kunnen worden afgeleid.

Algemene beginselen van behoorlijk bestuur

Eerder schreven wij over de verplichting van de gemeente om aan de algemene beginselen van behoorlijk bestuur te voldoen. Daartoe behoren ook het zorgvuldigheidsbeginsel en het evenredigheidsbeginsel. In deze uitspraak wordt dat niet met zoveel worden benoemd, maar daar lijkt de voorzieningenrechter zich wel (mede) op te baseren.

Advies of rechtsbijstand nodig?

Als u vragen heeft over dit onderwerp of advies of rechtsbijstand nodig heeft, dan kunt u contact opnemen met een van de specialisten van onze secties Vastgoed en Overheidsrecht.

Het vonnis van de voorzieningenrechter is hier te vinden.