Blogs

Elektronische kennisgeving van een (ontwerp)besluit alleen, is niet altijd een geschikte wijze van kennisgeven

06/03/15 Bekijk reacties Verwachte leestijd: 6 minuten

Wat gebeurt er als de gemeente een (ontwerp)besluit waarbij een omgevingsvergunning wordt verleend wel publiceert in de stadskrant en op internet, maar nalaat om belanghebbenden in de naastgelegen gemeente kennis te geven van dat besluit? De Afdeling ziet zich in de uitspraak van 4 maart 2015 gesteld voor deze vraag.

De casus

Op 30 augustus 2011 heeft het college van burgemeester en wethouders van Rotterdam (hierna: “het College”) aan XL Wind een omgevingsvergunning verleend voor het realiseren van acht windturbines langs het Hartelkanaal te Rotterdam (hierna: “het besluit”). Het besluit is voorbereid met toepassing van afdeling 3.4 van de Algemene wet bestuursrecht (hierna: “Awb”).

Het College heeft het ontwerpbesluit via een kennisgeving in het huis-aan-huis-blad “De Stadskrant” en de Staatscourant gepubliceerd. Tevens is de kennisgeving gepubliceerd op de website van de gemeente Rotterdam. Vervolgens heeft het College het besluit van 30 augustus 2011 op exact dezelfde manier gepubliceerd.

Inwoners van de naastgelegen gemeente Bernisse, nu gemeente Nissewaard, hebben in februari 2014 – 2,5 jaar na de publicatie- beroep ingesteld tegen het besluit. Bij uitspraak van 12 maart 2014 heeft de voorzieningenrechter de ingestelde beroepen gegrond verklaard en het besluit vernietigd. De voorzieningenrechter overwoog dat het College van het besluit niet op geschikte wijze kennis heeft gegeven als bedoeld in de Awb. De voorzieningenrechter stelt vast dat belanghebbenden in de gemeente Bernisse met de publicatie in de Stadskrant niet konden worden bereikt (deze wordt daar niet bezorgd) en dat daardoor de termijn voor het indienen van een beroepschrift tegen het besluit niet is aangevangen.

XL Wind heeft tegen deze uitspraak hoger beroep ingesteld.

Het geschil

XL Wind stelt dat de beroepstermijn tegen het besluit is geëindigd op 21 oktober 2011. XL Wind stelt tevens dat het besluit op juiste wijze bekend is gemaakt en dat ondanks het ontbreken van een mededeling van het besluit in een in de gemeente Bernisse verspreid huis-aan-huis-blad, voor het College geen enkele aanleiding bestond om aan te nemen dat de inwoners van Bernisse bedenkingen zouden hebben tegen de realisering van het windturbinepark. XL Wind betoogt dat de voorzieningenrechter heeft miskend dat de in februari 2014 tegen de omgevingsvergunning ingestelde beroepen wegens termijnoverschrijding niet-ontvankelijk zijn.

Het oordeel van de Afdeling

De Afdeling overweegt dat partijen, die een beroepschrift hebben ingediend tegen het besluit, door de directe ligging van hun woningen aan de overkant van het Hartelkanaal en de ruimtelijke uitstraling van het windturbinepark, belanghebbenden zijn bij de omgevingsvergunning. Daarnaast stelt de Afdeling vast dat zij en de overige belanghebbenden in de gemeente Bernisse met de publicatie in “De Stadskrant”, die niet in Bernisse wordt bezorgd, niet konden worden bereikt. Kortom het schriftelijk publiceren in “De Stadskrant” van zowel het ontwerpbesluit als het daadwerkelijke besluit was niet voldoende om voornoemde belanghebbenden te bereiken.

Vervolgens overweegt de Afdeling dat kennisgeving via het internet een “geschikte wijze van kennisgeving” in de zin van de Awb kan zijn. Tenzij bij wettelijk voorschrift anders is bepaald, dient een ontwerpbesluit op tenminste één niet-elektronische geschikte wijze te worden kennis gegeven. In dit geval is er geen sprake van een wettelijk voorschrift dat voorschrijft dat het ontwerpbesluit en het uiteindelijke besluit enkel via de elektronische wijze mag worden kennis gegeven.

De Afdeling overweegt dat het College door na te laten om via tenminste één niet-elektronische geschikte wijze kennis te geven van het besluit, in strijd met de Awb heeft gehandeld. Hierdoor is het besluit niet overeenkomstig de Awb ter inzage gelegd. Daaruit volgt dat de termijn voor het indienen van een beroepschrift tegen het besluit niet is aangevangen, zodat het beroepschrift is ingediend vóór het begin van de beroepstermijn. Dit kan geen grond zijn voor niet-ontvankelijk verklaring van een beroepschrift.

XL Wind betoogt verder nog dat de voorzieningenrechter heeft miskend dat de beroepschriften onredelijk laat zijn ingediend. Vanaf november 2013 had namelijk duidelijk moeten zijn dat er een omgevingsvergunning was verleend omdat de acht windturbines op dat moment al tot een hoogte van 53 meter boven maaiveld waren opgebouwd. Daarnaast waren er op 6 januari 2014 twee speciale bouwkranen met een hoogte van minimaal 70 meter en maximaal 120 meter opgericht zodat het de inwoners van Bernisse in ieder geval uiterlijk op dat moment duidelijk had moeten zijn dat er bouwactiviteiten plaatsvonden en dat dat dus impliceert dat er een omgevingsvergunning was verleend. De Afdeling maakt hier korte metten mee door simpel te stellen dat de beroepstermijn niet was aangevangen en de door XL Wind aangevoerde omstandigheden niet tot het oordeel kunnen leiden dat de omwonenden de beroepschriften onredelijk laat hebben ingediend. De Afdeling bevestigt de uitspraak van de voorzieningenrechter waarin het besluit werd vernietigd.

Conclusie

Bij omgevingsvergunningen welke zijn voorbereid met afdeling 3.4 van de Awb, die betrekking hebben op bouwprojecten vlakbij naburige gemeenten, volstaat het dus niet altijd om de kennisgeving van het ontwerpbesluit en het uiteindelijke besluit alleen te publiceren op internet en een huis-aan-huisblad dat enkel in de gemeente zelf wordt uitgegeven.

Bent u geïnteresseerd in de volledige uitspraak, klik dan hier.

Heeft u vragen naar aanleiding van dit artikel, neem dan contact op met één van onze specialisten.

Plaats zelf een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Terug naar alle blogs