Wvg (Wet voorkeursrecht gemeenten)

De Wet voorkeursrecht gemeenten (Wvg) verplicht eigenaren om een perceel waarop een voorkeursrecht is gevestigd, bij verkoop eerst aan de overheid (de gemeente, provincie of het Rijk) aan te bieden. Deze wet geeft overheden de mogelijkheid om een betere positie – en dus meer grip – op de grondmarkt te krijgen. Bovendien kan prijsopdrijving door speculatie worden voorkomen.

Juridisch advies over de Wet voorkeursrecht gemeenten (Wvg)

Bij Schenkeveld Advocaten vindt u advocaten die gespecialiseerd zijn in de Wvg. Wij werken zowel voor overheden als voor bedrijven en particulieren en kunnen u precies vertellen aan welke termijnen moet worden voldaan, welke rechten en verplichtingen u heeft, en wat de mogelijkheden zijn in een procedure.

Neemt u gerust contact met ons voor:

  • advies over en bijstand bij het aanbieden van een perceel
  • advies en onderhandelingen over de koopovereenkomst in het kader van de Wvg
  • prijsvaststellingsprocedures
  • advies over mogelijkheden om een overeenkomst te vernietigen

Hoe werkt de Wvg?

Vestigen voorkeursrecht

Op grond van de Wvg kan de overheid besluiten een voorkeursrecht te vestigen op een perceel grond. Dat mag alleen op percelen die een niet-agrarische bestemming hebben en een nieuwe bestemming krijgen. Zodra het voorkeursrecht definitief is gevestigd, mag de eigenaar het perceel niet meer vrij verkopen. Hij moet het dan eerst aan de betreffende overheidsinstantie aanbieden.

Hoe lang een voorkeursrecht op een perceel blijft rusten, hangt af van de situatie. Soms komt een voorkeursrecht na drie jaar te vervallen, in andere gevallen pas na tien jaar. Een grondeigenaar is overigens niet verplicht om de grond te verkopen aan de overheid. Een voorkeursrecht kan in principe niet worden verlengd. Wel kan de overheid na verloop van twee jaar een nieuw voorkeursrecht vestigen.

Verkoop grond

Als een eigenaar besluit het perceel te verkopen en het aan de gemeente, provincie of het Rijk heeft aangeboden, heeft de betreffende overheidsinstantie een termijn van acht weken om te beslissen. Verstrijkt die termijn óf laat de overheid weten de grond niet te willen kopen? Dan mag de grondeigenaar het perceel gedurende drie jaar vrij verkopen.

Wil de gemeente, provincie of het Rijk de grond wel kopen? Dan volgen onderhandelingen met de grondeigenaar over de verkoopprijs van het perceel. Als het niet lukt om tot overeenstemming te komen, kunnen zij de rechter vragen om zelf de prijs te bepalen ofwel een deskundige te benoemen die over de verkoopprijs adviseert.

Partijen zijn vrij om het advies van de deskundige naast zich neer te leggen. Voor de uitspraak van de rechtbank gaat dat niet op, althans voor de overheidsinstantie. Want waar de eigenaar na de uitspraak van de rechtbank alsnog van de verkoop kan afzien, is de overheidsinstantie verplicht om gedurende drie maanden na de uitspraak mee te werken aan de koop van het perceel.

Verkoop aan een derde

Verkoopt de grondeigenaar het perceel in strijd met het voorkeursrecht aan een derde? Dan mag de overheid de nietigheid van deze koopovereenkomst inroepen.

Omgevingswet

Naar verwachting treedt op 1 juli 2022 de Omgevingswet in werking. Op die datum komt de Wvg te vervallen en treedt de Aanvullingswet grondeigendom Omgevingswet in werking. De regels in deze nieuwe wet zijn in grote lijnen hetzelfde als in de Wvg. Nieuw onder de Omgevingswet is dat het voorkeursrecht vervalt als het vijf jaar is gevestigd op grond van een omgevingsplan, en de overheid afziet van de koop.

Meer weten over de Wvg?

Wilt u hierover meer informatie? Bel dan vandaag nog met een van onze specialisten vastgoedrecht of overheidsrecht, via 072 514 46 66. U kunt ook het contactformulier invullen.